Sfeerbeeld
zoek op trefwoord
zoek op categorie
stel een vraag

Vraag en antwoord

 


Vraag:

Een werkplaats van een garage bestaat uit een hoog gedeelte en een laag gedeelte, beide met een plat dak. Regenwater van het hoge dak wordt geheel afgevoerd naar het lage dak, inclusief noodafvoeren. Het lage dak voert vervolgens al het water af. Is het voor de berekening van de noodafvoeren van het lage dak voldoende om de oppervlakte van het hoge en het lage dak bij elkaar op te tellen? Moet er ook rekening worden gehouden met extra wateraccumulatie op het lage dak, doordat het water aan de zijde van het hoge dak bij wind mogelijk wordt opgestuwd?


Antwoord:

Volgens NEN 6702, art. 8.7.1.2 moeten in deze situatie de dakoppervlakken van het hoge en het lage dak worden opgeteld voor de berekening van de noodoverlaten van het lage dak. De norm geeft aan dat de volgende uitgangspunten moeten zijn gehanteerd: (a) waterafvoer via de reguliere waterafvoeren is niet mogelijk, (b) waterafvoer via de dakrand of noodafvoer is wel mogelijk en (c) het meest ongunstige wateraccumulatiegedrag moet worden beschouwd. Voor het lage dak hoeft echter geen rekening te worden gehouden met plaatselijk meer water door opstuwing.


Deze vraag is eerder verschenen in de rubriek Vraag & Antwoord in Bouwen met Staal 194 (februari 2007).


Relevante normen:
Louis Braillelaan 80      2719 EK  Zoetermeer      Tel: +31(0)88 353 12 12      Contact      Colofon      Disclaimer      Sitemap
Bouwen met Staal  © 2017      Uitvoering: Bruikman Reclame  +  LinkmasterMonkey